vision

Regeerakkoord Rutte III: vennootschapsbelasting en dividendbelasting

Gepubliceerd op: 18 oktober 2017

Eindelijk is het zover: VVD, CDA, D66 en de CU zijn tot een regeerakkoord gekomen. In het regeerakkoord Rutte III, welke op 10 oktober is gepresenteerd, zien we een groot aantal maatregelen en regelgevingen welke het beleid voor de komende jaren moeten gaan vormen. Wat zien we voor veranderingen met betrekking tot de vennootschapsbelasting en de dividendbelasting? Dit nemen we voor u onder de loep.

Vpb-tarief

Over de winst die u met een NV, BV of een stichting (die een onderneming drijft) maakt dient vennootschapsbelasting betaald te worden. Waar er vandaag de dag nog 20% belasting betaald wordt over de eerste €200.000 en 25% over elke winst daarboven, is dit anders vanaf 2019.

Met ingang van 2019 wordt de eerste schijf namelijk verlaagd tot 16%. Dit zal stapsgewijs in drie jaar gebeuren. Ook het percentage in de verhoogde schijf wordt met 4% verlaagd. Dit komt neer op 21% belasting over winsten van meer dan €200.000. Met deze maatregel wordt de eerder aangekondigde verhoging van de eerste schijf van €200.000 tot €350.000 teruggedraaid.

De reden voor de verlaging van het Vpb-tarief heeft te maken met de fiscale concurrentiepositie van Nederland. Door bedrijven die in Nederland gevestigd zijn minder belasting te laten betalen, moet het voor buitenlandse bedrijven vanuit fiscaal oogpunt aantrekkelijker worden om zich in Nederland te vestigen.

Grondslagverbreding

Waar bedrijven aan de ene kant dus minder vennootschapsbelasting verschuldigd zullen zijn door de verlaagde tarieven, staat daar wel tegenover dat het bedrag waarover de belasting betaald moet worden anders bepaald zal worden.

Van de winst die belast is bij bedrijven mogen namelijk kosten afgetrokken worden. Een van de aftrekbare kostenposten is rente. Gedurende de jaren is echter gebleken dat bedrijven steeds vaker structuren opzetten om zoveel mogelijk rente af te trekken en dus de winst te drukken. Daarom zijn er regels in de wet opgenomen om de aftrek van rente te beperken. De zogenaamde renteaftrekbeperkingen.

Ingegeven door de ATAD-richtlijn (een internationale richtlijn ter voorkoming van belastingontwijking), zal de wettelijke renteaftrek nog meer beperkt worden. Hierbij zal de focus komen te liggen op het brutobedrijfsresultaat. Bedraagt het saldo van de verschuldigde en te ontvangen rente meer dan 30% van het brutobedrijfsresultaat? Dan is deze onder de nieuwe renteaftrekbeperking niet aftrekbaar. Middels een drempel zal de eerste €1.000.000 aan rente altijd aftrekbaar zijn.

Door de renteaftrekbeperking zal de winst hoger uitvallen en zal er vanuit dit opzicht meer belasting betaald moeten worden over de winst.

Innovatiebox

Wanneer de werkzaamheden van u bedrijf innovatief zijn, dan komt u onder voorwaarden in aanmerking voor WBSO. WBSO is een subsidie voor innoverende bedrijven waarmee u in aanmerking kunt komen voor de innovatiebox.

De innovatiebox is een fiscale faciliteit die ervoor zorgt 80% van de winst uit innovaties vrijgesteld wordt. Afhankelijk van de schijf waarin u valt, betekent dit dat over winst uit innovatie slechts 4% of 5% vennootschapsbelasting betaald hoeft te worden.

In het regeerakkoord wordt voorgesteld om de winsten die voortvloeien uit innovatie voortaan te belasten tegen 7%. Dit is dus een nadelige maatregel voor innoverende bedrijven.

Verliesverrekening

De vennootschapsbelasting belast over gemaakte winsten. Echter is het natuurlijk niet ondenkbaar dat een bedrijf verlies draait in een jaar. De huidige regelgeving steekt zo in elkaar dat de verliezen die in het ene jaar gemaakt worden, onder voorwaarden verrekend mogen worden met de winsten van een jaar daarvoor en de negen jaren die daarop volgen.

In het regeerakkoord Rutte III is vastgesteld dat de verrekening van verliezen nog maar 6 jaar vooruit te verrekenen is en niet meer 9 jaar. De ‘carry-forward’ verrekening is dus beperkt.

Bronheffing op rente en royalty’s

De meeste landen ter wereld zullen belasting heffen als er vanuit hun land rente of royalty’s (bijv. imagorechten bij artiesten en sporters ) naar een ander in het buitenland gaan. De landen willen namelijk dat de inkomstenbronnen waarvan de  oorsprong ligt in hun eigen land, ook daar belast worden. Dit noemt men ook wel bronheffing.

Als één van de weinige landen ter wereld kent Nederland géén bronheffing op rente en royalty’s. Dit heeft jarenlang tot gevolg gehad dat bedrijven zich op papier vestigde door middel van zogenaamde brievenbusmaatschappijen.

Om de brievenbusconstructies te verhinderen zal er met ingang van 2023 (onder voorbehoud) een bronheffing op rente en royalty’s ingevoerd worden. Deze bronheffing zal specifiek zien op situaties waarin de rente en royalty’s naar laag belaste landen toestromen.

Bovenstaande regelgeving hangt nauw samen met de afschaffing van de dividendbelasting die eraan zit te komen. Hierover kunt u hier meer informatie vinden.

Meer weten over vennootschapsbelasting en dividendbelasting?

Bent u benieuwd wat de gevolgen voor uw onderneming zijn met betrekking tot de vennootschapsbelasting en de dividendbelasting? Of heeft u andere vragen over het regeerakkoord Rutte III? Neem dan vrijblijvend contact met ons op.

 

 

Onderwerp: Belastingadvies


Contactformulier

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.